Wedstr. regl. Algemeen (Libre)


Wedstrijdreglement Algemeen (Libre)



Art. 1 Teamopgave en teamsamenstelling.


1.1 De (wedstrijd-)secretaris stuurt tijdig het digitale formulier met de teamsamenstelling naar de wedstrijdleider.

1.2 De teams bestaan uit maximaal acht spelers: vier vaste spelers en vier spelers die aangemerkt worden als vaste reserve. Indien een van de vier spelers afwezig is, wordt hij vervangen door een van de vaste reserves.

1.3 Alleen in de A-klasse bestaan de teams uit maximaal zeven spelers: drie vaste spelers en vier vaste reserves.

1.4 Vaste reserves mogen in meerdere teams als vaste reserve worden aangewezen.

1.5 Het laagste team van een vereniging mag vier vaste reserves hebben die spelen in een hoger team.

1.6 Spelen twee teams van een vereniging in dezelfde klasse, dan mogen twee vaste spelers van een team worden aangewezen als vaste reserve van het andere team in die klasse.

1.7 Spelen twee teams van een vereniging in de A-klasse, dan mag één vaste speler van een team aangewezen worden als vaste reserve bij het andere team.


Art. 2: Competitie en wedstrijden.


2.1 De competitie begint eind augustus/begin september van het betreffende jaar en loopt tot februari/maart van het volgende jaar. 

2.2 Er wordt gespeeld in zoveel klassen als er noodzakelijk zijn om de aangemelde teams te plaatsen en een ongestoord verloop van de competitie te waarborgen. Het aantal te maken caramboles wordt als volgt bepaald: (moyenne x 30) + 5.

Het minimumaantal te maken caramboles in de hoogste klasse is 60, in de laagste klasse 15. In de overige klassen is het minimum afhankelijk van het aantal klassen.

2.3 De zgn. verboden zone wordt toegepast in de A-, B- en C-klasse. De teamleiders van de teams in die klassen zijn verplicht voor aanvang van de wedstrijd de verboden zone op elke hoek van het speelveld aan te brengen.

2.4. Een wedstrijd in de A-klasse bestaat uit drie partijen, in alle andere klassen uit vier.

2.5 De klassen zijn naar speelsterkte van de teams samengesteld.

De competitieleider is bevoegd hiervan af te wijken. De speelsterkte van een team wordt vastgesteld door de moyennes van de vaste spelers -in de A-klasse drie, in de overige klassen vier- bij elkaar op te tellen. De uitkomst daarvan is bepalend voor de klasse waarin een team wordt geplaatst. In één klasse mogen maximaal twee teams van dezelfde vereniging tegen elkaar uitkomen.

2.6 Vaste spelers dienen tenminste acht wedstrijden voor hun team uit te komen.

2.7 De aanvangstijd in de A- en B-klasse is vastgesteld op 13.00 uur. Voor de overige klassen is de aanvangstijd 13.15 uur, tenzij in onderling overleg anders wordt besloten.

2.8 Iedere vereniging heeft de beschikking over 100 ledennummers, gekoppeld aan het verenigingsnummer. Nieuwe spelers krijgen een ledennummer dat nog niet eerder is gebruikt, aangezien een eenmaal gebruikt nummer bij Biljartpoint gekoppeld blijft aan de speler waaraan het werd toegekend.

2.9 Per competitie worden minimaal 18 wedstrijden en maximaal 24 wedstrijden gespeeld en wel volgens onderstaand schema:


– Bij 12 teams per klasse 22 wedstrijden.

– Bij 11 teams per klasse 20 wedstrijden.

– Bij 10 teams per klasse 18 wedstrijden.

– Bij 8 teams per klasse 21 wedstrijden (anderhalve competitie).

– Bij 7 teams per klasse 18 wedstrijden (anderhalve competitie).       



2.10 Aan de thuisspelende speler wordt de beginstoot toegekend. Hij speelt met de witte (of ongemerkte) bal. Ballen met stippen zijn niet toegestaan. Indien hij als eerste het vereiste aantal caramboles heeft behaald, dan heeft zijn tegenstander nog de gelijkmakende beurt, te spelen van acquit. Behaalt de tegenstander in de gelijkmakende beurt het vereiste aantal caramboles, dan krijgen beide spelers 10 punten.

2.11 Indien bij het vastliggen van de speelbal geen gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om de carambole via losse band, massé of piqué te maken, dan worden de speelballen op verzoek van de speler door de arbiter in de aanvangspositie gelegd.

2.12 Springen een of meerdere ballen tijdens het spelen van het biljart, dan plaatst de arbiter alle speelballen in de aanvangspositie. Een bal die de houten omlijsting heeft geraakt wordt geacht te zijn uitgesprongen.

2.13 Een speler die dreigt met de verkeerde bal te gaan spelen, wordt door de arbiter of de schrijver gewaarschuwd. Ook de tegenstander in de partij mag hem daarop attent maken. Teamgenoten en publiek bemoeien zich hier niet mee.

Een eenmaal getelde carambole blijft niet altijd staan. Als de arbiter tijdig constateert dat de laatste carambole (bv. de vijfde) met de verkeerde bal is gemaakt, annonceert hij: “Herstel, noteren 4 voor dhr. De Wit, 4.” Zie ook het document ‘Spelen met de verkeerde bal.’


Art.3: Teamopstelling.


3.1 De teamleider van het thuisspelende team bepaalt in principe de volgorde waarin wordt gespeeld. De bezoekende vereniging heeft zich hieraan te houden, met dien verstande dat met redelijke wensen van de bezoekende vereniging rekening wordt gehouden. Soms is het noodzakelijk de volgorde te wijzigen (zie ook art. 5: spelen van een dubbelpartij).

3.2 De indeling van de partijen wordt bepaald door de speelsterkte, d.w.z. de sterkste speler van het thuisspelende team speelt tegen de sterkste speler van het bezoekende team en zo verder aflopend (let op bij dubbelpartij, art. 5), ook al is het verschil in moyenne nog zo klein. Bij overtreding hiervan zal de competitieleider de betreffende vereniging waarschuwen en bij een volgende overtreding drie strafpunten opleggen, die in mindering worden gebracht op het bereikte puntentotaal (dit geldt voor beide teams! Zie art. 4.3).

3.3. Een team in de A-klasse bestaat uit zeven spelers, drie vaste spelers en vier vaste reserves. In alle andere klassen bestaan de teams uit acht personen, vier vaste spelers en vier vaste reserves. Wordt een achtste, resp. negende speler ingezet, wordt hij beschouwd als een niet-gerechtigde speler. (zie Art. 8)

3.4 Thuisspelende teams kunnen de bezoekende teams niet verplichten om de eerste twee wedstrijden op twee biljarttafels tegelijk te spelen. Dit kan alleen als de teamleider van het bezoekende team geen bezwaar heeft.


Art.4: Taak teamleider.


4.1 Ieder team heeft een teamleider.

4.2 Hij draagt er zorg voor dat het materiaal in orde is en is tevens verantwoordelijk voor een goede gang van zaken tijdens de wedstrijd.

4.3 De teamleider van het thuisspelende team is belast met het correct invullen van het wedstrijdformulier, waarop de te maken aantallen caramboles, de behaalde aantallen caramboles en de hoogste serie van alle spelers dienen te worden vermeld. De teamleider van het bezoekende team dient het wedstrijdformulier vóór aanvang van de wedstrijden te controleren. Beide teamleiders zijn verantwoordelijk. Zie ook art. 5: dubbelpartij.  (zie ook 4.5).

4.4 Na afloop van de wedstrijden vergelijken de beide teamleiders de resultaten. Onjuistheden worden gecorrigeerd. Vervolgens bekrachtigen de beide teamleiders het wedstrijdformulier van het thuisspelende team met hun handtekening. Hierna mogen er geen op- of aanmerkingen, c.q. wijzigingen meer op worden aangebracht. Het ondertekende wedstrijdformulier dient te worden bewaard en is bindend voor de competitieleider. De bezoekende teamleider ontvangt een kopie van het ingevulde formulier.

4.5 Beide teamleiders zenden het ingevulde formulier nog dezelfde dag per e-mail naar het e-mailadres: uitslagen@hvb-competitie.nl. Alleen op deze wijze kan gezorgd worden voor een zo actueel mogelijke stand op Biljartpoint.nl.

4.6 Afgebroken partij.

Wanneer een partij wordt afgebroken om redenen van overmacht, bijv. een der spelers wordt onwel, of een der spelers wordt weggeroepen, dan wordt de stand na de laatste volledig gespeelde beurt op het wedstrijdformulier genoteerd. Ook de reden van afbreken wordt vermeld.

De competitieleiding bepaalt vervolgens hoe een en ander wordt afgehandeld, waarbij het uitgangspunt is: was de partij in de beginfase, dan wordt de partij opnieuw gespeeld als dat op korte termijn mogelijk is. Is dat, bijv. door ziekte van de speler die onwel werd niet het geval, dan wordt de partij door een andere speler gespeeld. Is de partij verder gevorderd, dan wordt de

partij, op basis van de stand bij het afbreken, doorgerekend (extrapoleren) tot het moment waarop een der spelers het door hem te behalen aantal caramboles zou hebben bereikt.

De op deze wijze verkregen eindstand wordt in het competitieresultaat opgenomen.

Wanneer een partij door een der spelers wordt gestaakt in verband met een geschil, dan verliest deze speler de partij reglementair met 0 tegen 10 punten met inachtneming van het bepaalde in artikel 12.


Art.5: Spelen van twee partijen door één speler (dubbelpartij).


5.1 Een dubbelpartij mag gespeeld worden door elke speler van het team. De teamleider van het team dat een dubbelpartij wenst te spelen meldt dit aan de teamleider van het andere team en geeft de (gewijzigde) aantallen te maken caramboles op de juiste wijze (van hoog naar laag) aan.

5.2 Het aantal te maken caramboles van een speler die een dubbelpartij speelt wordt in zijn tweede partij met 10% verhoogd (zie het voorbeeld).

5.3 Voor verkeerd gespeelde dubbelpartijen zijn beide teamleiders verantwoordelijk (zie ook 4.3). Indien de competitieleiding besluit tot bestraffen middels aftrek van punten (3 van het totaal), dan geldt dit voor beide teams.

5.4 Procedure bij het spelen van een dubbelpartij:


Het team:speler A – 75 car

speler B – 73 car.  Is verhinderd.

speler C – 72 car.

speler D – 60 car.


Bepaal welke speler een dubbelpartij speelt. In dit voorbeeld: speler C.

Verhoog het aantal caramboles (72) met 10%. Het aantal te maken caramboles voor speler C wordt in zijn tweede partij dan 79,2 = 79. Zou dit 79,5 of hoger zijn geweest dan zou het 80 zijn geworden.


De juiste opstelling wordt nu:speler C – 79 car.

speler A – 75 car.

speler C – 72 car.

speler D – 60 car.


De opstelling van het team waarin geen dubbelpartij wordt gespeeld blijft ongewijzigd.

De volgorde waarin de partijen worden gespeeld kan wel wijzigen omdat in sommige gevallen een speler twee partijen achter elkaar zou moeten spelen.


Art.6: Uitstellen van wedstrijden.


6.1 Indien een team om aanvaardbare redenen verhinderd is op de vastgestelde datum te spelen, dient tijdig contact te worden opgenomen met de teamleider van de tegenstander en na zijn goedkeuring kan uitgeweken worden naar een andere speeldatum. Vakantie van een of meerdere spelers is geen aanvaardbare reden. (Brief van het bestuur 17 oktober 2017).

6.2 De competitieleider dient hierover altijd onmiddellijk te worden ingelicht. Het hieraan niet voldoen komt de betreffende vereniging op een waarschuwing te staan. Bij herhaling worden drie strafpunten in mindering gebracht op het bereikte puntentotaal.

6.3 De uitgestelde wedstrijd moet binnen 4 weken worden gespeeld.


Art.7: Niet opkomen.


7.1 Het niet opkomen van een team zonder bericht wordt bestraft met vijf strafpunten. Deze strafpunten worden in mindering gebracht op het bereikte puntentotaal van het betreffende team.

7.2 Indien een team aan de tegenstander na 12.00 uur (op de datum waarop de wedstrijd officieel staat vastgesteld) de mededeling doet niet te zullen verschijnen, dan wordt dit team beschouwd als niet te zijn opgekomen en zal dit bestraft worden zoals in lid 7.1 staat aangegeven.

7.3 Bij het niet opkomen kan altijd overmacht hebben plaats gevonden. Het bestuur beslist of er daadwerkelijk sprake was van overmacht. Bij een positief besluit zullen er geen strafpunten worden opgelegd.

7.4 In gevallen genoemd in lid 7.1 en 7.2, zal de competitieleider een nieuwe datum vaststellen. De wedstrijd zal worden gespeeld in het lokaal van de vereniging, welke niet schuldig was aan het geen doorgang vinden van de wedstrijd. Deze datum is bindend (mits de locatie beschikbaar is).


Art.8: Niet-gerechtigde speler.


8.1 Nieuwe spelers zijn slechts speelgerechtigd indien deze schriftelijk zijn aangemeld bij de competitieleider. De aanmelding moet voorzien zijn van: naam van de speler,  e-mailadres, telefoonnummer, geboortedatum, moyenne en een ledennummer dat de vereniging ter beschikking heeft gekregen. Hierna zal de competitieleider de secretaris van de vereniging waarvoor de speler gaat spelen in kennis stellen van zijn akkoord. Tevens worden alle overige secretariaten via de mutaties op de hoogte gebracht. Eerder is een nieuwe speler niet-speelgerechtigd en zal hij bij het eventueel opstellen als niet-gerechtigde speler worden beschouwd.

8.2 Indien een niet-gerechtigde speler in een wedstrijd wordt opgesteld, (het bestuur bepaalt of het wel of niet een niet gerechtigde speler is) wordt het door hem behaalde resultaat geannuleerd en wordt de partij voor zijn tegenstander als gewonnen (10-0) genoteerd. De gespeelde caramboles en beurten worden meegenomen in het totaal van de behaalde caramboles en beurten van de niet-gerechtigde speler. De competitieleider zal de secretaris van de betrokken vereniging hiervan in kennis stellen.

8.3 Onder een onjuist aangemelde speler verstaan we een speler waarvan na afloop van de wedstrijden wordt geconstateerd dat een foutief aantal te maken caramboles is opgegeven. Blijkt het opgegeven aantal te maken caramboles te laag en wint deze speler de partij, dan zal de competitieleider het door deze speler behaalde puntenaantal wijzigen in het aantal punten waar hij of zij recht op heeft, uitgaande van het juiste aantal te maken caramboles. De tegenstander krijgt 10 punten toegekend, ongeacht het aantal caramboles dat deze in de partij maakte. Wanneer voor een speler een te hoog aantal caramboles werd opgegeven blijft de uitslag ongewijzigd.


Art.9: Vaste reserves.


9.1 Indien een vaste reserve wordt ingezet als invaller en hij heeft een moyenne dat lager is dan het voor de klasse waarin hij invalt bepaalde minimum, dan moet deze speler het minimumaantal caramboles spelen dat voor deze klasse is aangegeven.

9.2 Er is geen limiet aan het aantal invalbeurten. Een vaste reserve wordt dus nooit een vaste speler. Hij kan blijven invallen, ook in een lager team, mits hij voor dat lagere team als vaste reserve is opgegeven.


Art.10: Puntentelling en Rangorde.


10.1 De punten worden toegekend op basis van de volgende formule:

(het behaalde aantal caramboles maal tien) delen door (het te maken aantal caramboles).


Er wordt naar beneden afgerond op 2 decimalen.


Voorbeeld: een speler moet 47 caramboles maken. Hij maakt er 36.

Het aantal punten wordt dan: 36 maal 10=360. 360/47= 7,6595, hetgeen wordt afgerond naar 7,65. Op het digitale wedstrijdformulier gebeurt dit automatisch.


De uitslag wordt opgemaakt door alle wedstrijdpunten bij elkaar op te tellen.

10.2 Tussenstanden en uitslagen gemeld op de website, www.biljartpoint.nl. Na iedere wedstrijdronde worden de behaalde wedstrijdpunten bij de totalen van de verschillende teams opgeteld. Het team dat na de laatste wedstrijd de meeste punten heeft is kampioen van de klasse waarin het uitkomt.

10.3 Indien twee of meer teams aan het eind van de competitie voor het kampioenschap eindigen met een gelijk aantal punten, dan geeft het percentage van de gemaakte caramboles, zoals aangegeven door Biljartpoint, de doorslag. Ook als teams gelijk eindigen na de wedstrijden om het algemeen kampioenschap, geeft het percentage van de gemaakte caramboles de doorslag.


Art.11: Wijziging moyenne.


11.1 Het is de verantwoordelijkheid van de verenigingen erop toe te zien dat nieuwe spelers worden opgegeven met het juiste aanvangsmoyenne. Het verdient aanbeveling nieuwe spelers pas voor de competitie aan te melden nadat zij een volledige clubcompetitie hebben meegespeeld.

11.2 Nieuwe spelers, spelers die in het voorgaande seizoen géén of minder dan drie wedstrijden hebben gespeeld en nieuwe spelers waarvan het opgegeven moyenne niet via biljartpoint of via de website van hun eigen vereniging kan worden gecontroleerd, hebben ## achter hun naam.

Hun moyennes worden na de eerste speelhelft van de competitie herzien. Heeft een speler dan slechts 1,2 of 3 wedstrijden gespeeld, dan beslist de competitieleider. Voor deelname aan de voorrondes van de Persoonlijke Kampioenschappen, zie aanvullend reglement PK’s.

11.3 Het aanvangsmoyenne voor het nieuwe seizoen is gelijk aan het behaalde moyenne van het vorige seizoen.

11.4 Voor spelers die in het voorgaande seizoen geen of minder dan drie wedstrijden hebben gespeeld of voor wie in verband met bijzondere omstandigheden door de competitieleider een nieuw aanvangsmoyenne werd vastgesteld, geldt dat zij als nieuwe spelers (##) worden gezien. Ook voor deze groep geldt het bepaalde in art. 11.2.   

11.5 Na de eerste helft van de competitie mogen geen nieuwe spelers meer worden opgesteld. In bijzondere gevallen kan het bestuur hierop een uitzondering maken.


Art.12: Algemeen.


12.1 Wanneer tijdens wedstrijden onenigheid ontstaat tussen twee teams, zullen de teamleiders, in overleg met hun eigen bestuur, binnen 3 x 24 uur, proberen tot een vergelijk te komen. Lukt dit niet dan is er sprake van een geschil.

12.2 Geschillen worden door de secretarissen van de betrokken verenigingen aan de competitieleider schriftelijk gemeld, vergezeld van een door de teamleiders van de betrokken teams ondertekende omschrijving van het voorval en het vervolg daarop. Het bestuur zal indien

nodig een arbitrage-commissie benoemen die het geschil onderzoekt en uitspraak doet.

Deze uitspraak is voor beide partijen bindend.

12.3 Een arbitragecommissie bestaat altijd uit de competitieleider of een bestuurslid van de Hart van Brabant Competitie, aangevuld met twee neutrale personen die door het bestuur worden aangewezen.

12.4 Als een team wordt teruggetrokken nadat het competitieprogramma definitief is geworden, vindt geen restitutie van het inschrijfgeld plaats en kunnen te maken kosten in rekening worden gebracht.


Art.13: Officiële waarschuwing.


13.1 Bij onsportief gedrag kan de competitieleider een speler een officiële waarschuwing geven. Bij herhaling kan de competitieleider 3 strafpunten toekennen. Deze worden afgetrokken van het bereikte puntenaantal van het team.


Art.14: Slotbepaling.


14.1 In gevallen waarin het wedstrijdreglement niet voorziet is het bestuur bevoegd tot het nemen van een beslissing. Deze beslissing is bindend.           


HvB/bestuur/aug2018